Persbericht

Uitoefening van de gezondheidszorgberoepen: herziening van wetgeving in startblokken

BRUSSEL, 28/09/2016.- Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Maggie De Block, en de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid hebben vandaag het startschot gegeven voor de herziening van de wetgeving inzake de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

Maggie De Block: “De huidige regelgeving is achterhaald. Er moet veel meer aandacht gegeven worden aan de centrale rol van de patiënt. Patiënten zijn veel beter geïnformeerd dan vroeger en zijn vaardig geworden in de kennismaatschappij van nu. De nieuwe reglementering moet ervoor zorgen dat artsen, verpleegkundigen, paramedici en andere zorgactoren interdisciplinair kunnen samenwerken en communiceren.”

Tijdens een “startconferentie” voor alle betrokkenen zoals beroepsorganisaties, vertegenwoordigers uit het onderwijs en belangengroepen, zijn de krachtlijnen uiteengezet van de herziening die minister De Block voorstelt.

De drie grote pijlers van de hervorming zijn de autonomie van de patiënt, samenwerking tussen zorgactoren, en erkenning van zorgbeoefenaars op basis van verworven en onderhouden bekwaamheden.

Tot op heden wordt er in de zorg gewerkt binnen de contouren van het Koninklijk Besluit nr. 78, tegenwoordig de gecoördineerde wet van 10.05.2015 inzake de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen. Het regeerakkoord van 2014 voorziet in een grondige herziening van het wetgevend kader.

Bekwaamheid aantonen

Het voorstel tot herziening houdt onder andere in dat de basisvoorwaarden voor de uitoefening van zorgbeoefenaars geactualiseerd worden. In de plaats van de vereiste dat een zorgverstrekker “psychisch en fysisch” bekwaam moet zijn, zouden zorgverleners hun bekwaamheid, en hun eventuele specialisatie, moeten aantonen. Daarbij zouden ze ook moeten aantonen dat ze hun bekwaamheden behouden of vervolledigen door bijvoorbeeld voortgezette vorming.

Er moet ook de wetgeving ontwikkeld worden over de kwaliteitsvoorwaarden voor praktijkvoering of “de plichten van de zorgverstrekkers”.

Patiëntenrechten

Ook de adviesorganen binnen Volksgezondheid ondergaan een ‘redesign’. De bestaande adviesorganen per beroep worden vervangen door een Raad Gezondheidsberoepen. Hierdoor ontstaat een forum waarin experten in verschillende zorgdomeinen en -disciplines adviezen kunnen geven over bijkomende voorwaarden voor uitoefening van gezondheidszorgberoepen. Daarnaast komt er ook een Raad voor Kwaliteitsvolle Praktijkvoering in de Gezondheidszorg. Die zal zich toespitsen op de patiëntenrechten en het ontwikkelen van richtlijnen voor goede praktijk. Tegelijk zal de Raad een  klankbord zijn voor het nalevingstoezicht door de federale gezondheidsinspectie.

De beleidscel van de minister en de FOD Volksgezondheid hebben gedurende twee jaar aan de voorbereiding van dit project gewerkt. Ook het werkveld is geraadpleegd. De hervorming gaat nu over naar een volgende fase van bredere consultatie, overleg en uitwerking, met het plan van aanpak van minister De Block als basis.  Naast de klassieke procedures wordt ook een publieke consultatieronde georganiseerd die zorgprofessionals, patiënten en burgers de gelegenheid geeft actief bij te dragen aan het debat over de hervorming.